Als er iemand is overleden doet een nabestaande of de uitvaartondernemer hiervan aangifte in de gemeente waar die persoon is overleden. De naam van de persoon die aangifte doet, komt op de akte van overlijden te staan.
Nabestaanden of de uitvaartondernemer doen de aangifte in de gemeente van overlijden. De gemeente verwerkt dit in de BRP en de naam van de aangever komt op de akte.
Meestal doe ik, als uitvaartverzorger, dit voor nabestaanden, maar sommige nabestaanden willen dit zelf doen. Als één van de nabestaanden er symbolische waarde aan hecht, kan die persoon zelf de aangifte doen. Voor nabestaanden is het soms een stap in het rouwproces om zelf de aangifte te doen
Dit gebeurt vóór de uitvaart en doorgaans binnen 6 werkdagen, waarna een uittreksel en het verlof tot begraven/cremeren worden verstrekt.
De gemeente geeft de volgende documenten aan de aangever:
Het verlof tot begraven/cremeren. Een document voor toestemming voor de uitvaart Indien er een aanvraag voor de wetenschap wordt gedaan dan krijgt u een ‘verlof tot ontleding’.
Een uittreksel uit de akte van overlijden. Dit document is soms nodig voor de notaris, verzekeringen op te zeggen enz.
De gemeente informeert automatisch diverse instanties, zoals:
Uitkeringen:
De gemeente geeft ook in bijzondere gevallen een akte van overlijden uit, bijvoorbeeld bij een kind dat levenloos is geboren of een kind dat kort na de geboorte is overleden.
Bij een overlijden in het buitenland dient de buitenlandse akte van overlijden geregistreerd te worden. Dat doet u bij de gemeente in Nederland waar de overledene staat ingeschreven. U maakt daarvoor een afspraak voor Buitenlandse documenten registreren in het Basisregister Personen (BRP).
Is iemand in het buitenland overleden en was de overledene ingeschreven in de Registratie Niet-ingezetenen (RNI)? Dan kunt u het overlijden doorgeven aan de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens
Wilt u een overledene naar het buitenland vervoeren? Lees meer op de pagina repatriëring hierover.
Meestal regelt de uitvaartondernemer de aangifte bij de gemeente als onderdeel van de dienstverlening. Familieleden of andere nabestaanden mogen dit echter ook zelf doen.
De wet schrijft voor dat de aangifte moet plaatsvinden vóór de uitvaart en uiterlijk binnen 6 werkdagen na het overlijden. Omdat er voor een begrafenis of crematie een officieel verlof nodig is, wordt de aangifte meestal al in de eerste dagen na het overlijden geregeld.
De aangifte moet altijd worden gedaan in de gemeente waar het overlijden daadwerkelijk heeft plaatsgevonden. Als iemand bijvoorbeeld in het ziekenhuis in Arnhem overlijdt, maar in Westervoort woonde, moet de aangifte bij de gemeente Arnhem worden gedaan.
De akte van overlijden is het officiële document dat de gemeente opmaakt en opneemt in het register van de burgerlijke stand. Als nabestaande ontvangt u een uittreksel van deze akte. Dit uittreksel heeft u nodig om praktische zaken te regelen, zoals het opzeggen van bankrekeningen, verzekeringen en abonnementen.
Zonder de officiële verklaring van overlijden (het A-formulier) en de gesloten CBS-enveloppe (de B-enveloppe) van de behandelend arts of schouwarts kan de gemeente geen aangifte verwerken en geen verlof voor de uitvaart afgeven. Deze documenten zijn dus strikt noodzakelijk.
Neem voor meer informatie omtrent de vele mogelijkheden om een uitvaart invulling te geven gerust contact op. Een voorgesprek (kennismakingsgesprek) is altijd gratis en vrijblijvend. Bel 06-43877077, app of mail naar info@estia-uitvaarten.nl
Bewaar “Mijn uitvaartwensen boekje” bij uw belangrijke papieren of zorg dat het digitaal beschikbaar is voor uw nabestaanden.